10 April 2010

Column April

Het langer openstellen van de studiecentra is een kwestie van pepernotengeld

Vooral tijdens de tentamenperioden is het om te huilen: het aantal beschikbare plekken waar je rustig een boek kan zitten lezen of een paper kan schrijven. Of je nu op het Roeterseiland komt, de UB of BG5, overal is het vol, smerig en lawaaierig. De UvA lijkt dit probleem op de lange termijn te willen schuiven. Als het Roeterseiland wordt verbouwd zal er meer rekening gehouden worden met de wensen van de student om gewoon te doen wat van ze gevraagd wordt: studeren. Bovendien zijn er volgens de UvA momenteel wel degelijk genoeg studieplekken, en wijst dan vaak met een heel serieus gezicht en lange vinger naar het Sciencepark.

Dat dit geen reële oplossing is kan ieder verstandig mens bedenken. Het Sciencepark is ten eerste te ver weg voor mensen die op een andere locatie college hebben, er is geen mogelijkheid om s’avonds te eten en bovendien wordt er gediscrimineerd ten nadele van de niet-beta studenten door slechts twintig computers ergens verweggedrukt in een afgelegen hok voor hen beschikbaar te stellen. Beta-studenten daarentegen, hebben twee soorten accounts waardoor zij wel overal kunnen inloggen. Een slechte gedachte misschien, maar het lijkt me ontzettend geestig om het eens andersom te doen. Per faculteit studieruimtes beschikbaar stellen. Dan zijn we gelijk van het gelazer af rondom die drie zalen in het G-gebouw waar zowel sofware staat voor de econometristen en de geografen en planologen. Huppakee, weg met die economen. Die mogen in de room for discussion studeren.

Natuurlijk is dit niet de oplossing. De oplossing is zelfs eenvoudiger en bovendien menslievender. Het probleem is een geldkwestie. Het is echter geen gewone geldkwestie. Het is een pepernotengeldkwestie. De afdeling die de studiecentra en bibliotheken beheert, de UB, moet elke vierkante meter die gebruikt wordt, huren van de UvA. Als de deur van het studiecentrum opengaat, dan gaat de interne geldstroom lopen en als de deur weer sluit, stopt hij. Al met al kunnen we dus concluderen dat studenten de dupe zijn van een bureaucratische constructie. Netto kost het de UvA alleen de stroom die een pc gebruikt en het uurloon van een baliemedewerker. Zeker als een gebouw gewoon tot 22.00 of langer open blijft is het dus volslagen onzinnig dat het studiecentrum om 17.00 dicht moet.

Het financiële argument dat de UvA keer op keer gebruikt is dus gebakken lucht. Bovendien zou het zelfs meer rendement kunnen opleveren. Denk eens aan alle studenten die wel hun studiepunten zouden halen als ze weltoegang hadden tot de juiste software en een ruimte waar ze rustig een boek kunnen lezen. Het is aan de studentenraad om de hoge heren van dit feit te overtuigen!

Reinier Tromp

Raadslid FSR-FMG